11 September 2015

The Dairy of a Teenage Girl: seksuele voorlichting met een beetje LSD



De 15-jarig Minnie (Bel Powley) groeit op in de post-hippie jaren 70 van San Francisco, Californië. Ze wil kunstenares worden en bewondert de underground striptekenares Aline Kominsky. Minnie’s bohemien moeder Charlotte (Kristen Wiig) is vaak met haar vrienden te vinden in de woonkamer, waar ze gretig met hun neus in een berg cocaïne liggen. Wanneer Minnie haar maagdelijkheid verliest aan Charlotte’s 35-jarige  vriend Monroe (Alexander Skarsgard), begint ze haar seksuele avonturen vast te leggen in cassettetapes en comics. 

The Diary of a Teenage Girl is Marielle Heller’s debuut als regisseuse en scriptschrijver. Het verhaal is gebaseerd op de semi-autobiografische graphic novel van Phoebe Gloeckner. De film ging in première op het Sundance Film Festival en werd geprezen om haar open en eerlijke benadering van vrouwelijke seksualiteit. Het verhaal had makkelijk kunnen uitdraaien als het grimmige Thirteen (2003), waarin een tienermeisje zichzelf verliest in de wereld van seks en drugs. Seks en tienermeisjes lijken moeilijk samen te gaan in films. De seksualiteit van jongens wordt als iets natuurlijks gezien (“boys will be boys ”), terwijl er van meisjes wordt verwacht dat ze zichzelf niet snel “weggeven”. Meisjes worden niet als seksuele subjecten gezien, maar als passieve objecten die verworven moeten worden door jongens. Ook in mijn omgeving merk ik dat de alom bekende dubbele standaard nog steeds springlevend is: een jongen met veel bedpartners wordt een “koning” genoemd, terwijl een meisje met veel bedpartners als een “slet ” wordt bestempeld. Men vergeet dat tienermeisjes ook stijf staan van de hormonen en nieuwsgierig zijn naar seks. En dat daar niks mis mee is. Minnie krabbelt haar notitieboekje vol met aderige penissen en naakte vrouwenlichamen. Ze ziet haar seksleven als een groot avontuur, maar het gaat niet zo soepel als een gemiddelde aflevering van Sex and The City. Minnie is namelijk te jong om seks, affectie en liefde duidelijk van elkaar te onderscheiden. Ook krijgt ze verwarrende boodschappen van de volwassenen in haar omgeving, die haar seksualiseren en tegelijkertijd infantiliseren. Er wordt haar verteld dat haar ontluikende seksualiteit veel macht heeft over mannen, maar wanneer ze haar eigen keuzes wil maken wordt ze weggezet als een kind dat te snel volwassen wil worden.  

Hoe Alexander Skarsgard's snor ons verleidt

We krijgen toestemming om in het kleurrijke hoofd van een tienermeisje te kruipen. Minnie’s tekeningen komen tot leven en soms wordt ze vergezeld door een geanimeerde Aline Kominsky. Door de rondfladderende visuals lijkt de film soms op een LSD-trip. Het is verfrissend om Minnie’s  lichaam en seksleven vanuit haar eigen perspectief te zien. De seks- en naaktscènes worden niet geromantiseerd en zijn niet gemaakt voor de male gaze. Er zijn geen sexy close-ups van borsten en billen. De scène waarin Minnie in de spiegel naar haar naakte lichaam kijkt is niet geseksualiseerd, maar schept herkenbaarheid voor meisjes die stilstaan bij hun veranderende lichaam. Daarnaast is haar lichaam “on-Hollywood”, maar houdt dat haar niet tegen om erop los te flirten. Haar verlangen naar Monroe begint wanneer hij “onbewust” zijn hand op haar borst legt. Maar zij is degene die de eerste stap zet en laat weten dat ze seksueel in hem geïnteresseerd is. Dit is de rode lijn van de film: wat er ook gebeurt, Minnie is degene die controle heeft over haar seksualiteit. Alexander Skarsgard, bekend als de Viking vampier Eric Northman in True Blood, weet Monroe te spelen zonder net zo creepy te worden als zijn snor doet vermoeden. Hoewel er duidelijk een onevenwichtig machtsbalans is tussen een 15-jarig meisje en een 35-jarige man, verkent de film een grijs gebied waarin hij geen verkrachter is en zij geen slachtoffer.

Het had een radicaal verhaal kunnen zijn, waarin een meisje vecht voor een liberaal seksleven. Alleen heeft Minnie niet casual sex om genderstereotypen over seksualiteit bewust tegen te gaan. Ze meet zich niet aan haar mannelijke leeftijdsgenoten, die om hun veroveringen worden ge-high fived terwijl zij een slet wordt genoemd. Ze heeft seks omdat het leuk is. Minnie is niet revolutionair, maar normaal. En dit maakt de film in zijn geheel revolutionair. Heller geeft namelijk een podium aan een grote groep die vergeten wordt in films: tienermeisjes die seksueel op ontploffen staan en er niet aan onderdoor gaan. Ook wordt duidelijk gemaakt dat zelfrespect niet verbonden is met het aantal bedpartners die een meisje heeft.  

Door de eerlijke verkenning van seksualiteit, is The Diary of a Teenage Girl betere seksuele voorlichting dan andere media en is het een film die ieder tienermeisje moet zien. Wat lastig wordt gemaakt aangezien de film en 16+ rating heeft gekregen van Kijkwijzer, vanwege “grof taalgebruik” en “drugs en/of alcoholgebruik”. In Engeland moeten bioscoopgangers zelfs 18 jaar of ouder zijn vanwege de, overigens tamme, seksscènes. Hypocriet, want zoals regisseuse Heller zegt: 

In an age where young women are still continually being sexualised and objectified we feel The Diary of a Teenage Girl sends a very positive, reassuring message to young girls about female sexuality and body image. It is a shame that audience will not be able legally see a film that was made by women for women of all ages. 

Gelukkig vinden meisjes van Minnie’s leeftijd in deze tech-savvy tijdperk wel een manier om deze film alsnog te zien. Ook volwassen vrouwen kunnen herkenning vinden in Minnie’s seksuele nieuwsgierigheid en zoektocht naar identiteit. De 80-jarige oma die naast mij in de bioscoop zat kan dit beamen.  

09 September 2015

Assassination Classroom: buitenaards gegiebel en excessief pubergeweld




Asassination Classroom is gebaseerd op de gelijknamige manga, waarvan het eerste deel in 2012 uitkwam. Naast de live-action film, bracht de razendpopulaire franchise dit jaar een game en het eerste seizoen van de animeserie uit. Door het excessief geweld en absurdistische humor behoudt de film veel van zijn ongerijmde manga-elementen.

Het plot is een beetje krankjorum. Het draait om een gele octopus-achtige alien met een grote grijnzende smilie-hoofd die zeventig procent van de aarde heeft vernietigd. Ook de aarde wordt door het monster, dat beweegt met een snelheid van Mach 20, bedreigd met hetzelfde lot. Maar hij geeft de mensheid nog één kans om de vernietiging te voorkomen en stelt voor om les te geven aan klas 3E van Kunugigaoka Junior High School. Waarom het ruimtewezen deze klas uitkiest, of deze school, of waarom hij in godsnaam docent wil worden, weet niemand. Voor hun eigen geestelijke gezondheid stellen ze maar geen vragen en het is beter als je als kijker hetzelfde doet. Naast de normale schoolvakken, zal de goedlachse inktvis de leerlingen zelf trainen in de kunst van het doden. Elke dag moedigt hij ze aan om hem om zeep te helpen, waarna de kogels, messen en explosieven door het scherm vliegen. Als hij binnen een jaar wordt geliquideerd, krijgen de leerlingen van de Japanse overheid tien miljard yen (73 miljoen euro). Anders laat hij de aarde op de dag van de diploma-uitreiking ontploffen.




 Het lokaal van klas 3E is geïsoleerd en bevindt zich ver af van de rest van de school. De pubers zijn ongemotiveerd en worden gezien als uitschot. Niemand gelooft in hun, behalve, natuurlijk, hun nieuwe docent. Hij leert ze hoe ze een machinegeweer moeten gebruiken en geeft ze daarnaast belangrijke levenslessen. De kinderen worden steeds beter in schieten, maar beginnen ook affectie te voelen voor het schattige monster. Ze noemen hem liefkozend Koro-sensei (Mr Octopus). Met zijn onorthodoxe lesmethodes en hartverwarmende intenties is hij een gele buitenaardse versie van Kim Basinger in Dangerous Minds, een acht-tentakelige Hilary Swank in Freedom Writers. De film wordt hierdoor soms cheesy, maar dat wordt al snel goedgemaakt door intense moordaanslagen.

De film probeert 75 hoofdstukken van de manga in 110 minuten te proppen en dat is merkbaar. Elke tien minuten is er een nieuwe plottwist en wordt er een nieuw personage geïntroduceerd. Maar als kijker raak je, net zoals de leerlingen, snel gewend aan de krankzinnigheid. In deze wonderlijke wereld accepteer je ook maar dat de Koreaanse actrice Kang Ji-young met een blonde pruik door moet gaan voor een Russische sluipmoordenaar. Door het hoge tempo is ruimte voor karakterontwikkeling onmogelijk, maar maken de energieke actiescènes en over-the-top humor veel goed. Koro-sensei bestaat compleet uit CGI, maar stemacteur Kazunari Ninomiya geeft het monster een extra laag knuffelbaarheid. De zin waarmee hij zijn leerlingen elke ochtend begroet (“now kill me, hihi”) is vertederend. Zelfs als je niet bekend bent met de manga en anime, is het moeilijk om aan het einde niet te juichen voor de olijke Koro-sensei.