20 February 2011

Norwegian Wood: veel rouwseks en ongepaste aanzwellende muziek


Wat doe je als je in een quasi-artistieke bui bent? Juist, dan spuit je een hele canvas vol met één kleur om de seksualisering van de moderne samenleving te reflecteren. Of je gaat in een clownspak vier uur lang op een wc zitten om een politieke statement te maken. Helaas ontbreekt bij mij het talent. Daarom ging ik maar naar de Toneelschuur - dé broeiplek voor Haarlemse artfags en cultureel begaafde, oudere mensen die een avondje interessant willen doen- en bekeek ik de eerste de beste buitenlandse film met een opvallende titel en een deprimerende verhaallijn. In dit geval werd het Norwegian Wood, een Japanse verfilming van een boek van de heer Haruki Murakami.

Toru Watanabe's probeert zijn leven weer op te pakken na de zelfmoord van zijn beste vriend Kizuki. Een paar jaar later komt Toru Kizuki's toenmalige vriendin Naoko weer tegen op de universiteit van Tokio. Ze  beginnen ze steeds meer naar elkaar toe te groeien vanwege het gedeelde verlies van Kizuki. En aangezien Kizuki niet de enige persoon in Naoko's leven was die zelfmoord pleegde -haar zus maakte ook een einde aan haar eigen leven- is ze erg labiel en gaat ze na haar 20e verjaardag naar een verzorgingstehuis in Kyoto. Toru komt haar vaak bezoeken, maar tegelijkertijd begint hij ook te vallen voor de vrijgevochten Midori in Tokio. Oh, en het speelt zich af in de jaren '60, dus alles en iedereen is heel groovy gekleed.

Dit is wat je kunt noemen een typische Aziatische arthouse-film. Dat betekent: veel stiltes en long takes, waardoor je de bedroevende sfeer moet voelen. Zoiets als knappe, ongeschoren mannen die twee uur lang op een bankje in het park zitten te roken in Franse arthouse-films, alleen moet je die knappe Franse man nu vervangen door melancholische Japanse tieners in jaren '60 stijl. En aangezien ze weinig woorden geven aan hun gevoel, moeten ze hun rouw uiten op een andere manier: seks. Heel veel seks. Alleen is het geen ordinaire, geile lust, maar juist diepe, emotionele rouwseks. Je ziet helemaal niks, maar je voelt wel de intimiteit tussen de twee personen.

Er is trouwens erg weinig karakterontwikkeling, wat ik persoonlijk erg jammer vind. Het is voor iedereen onbekend waarom Kizuki zelfmoord pleegde. Maar zolang je de meeslepende, emotionele gedachten en gevoelens van Toru en Naoko meekrijgt over wat ze hiervan ondervinden, kun je best een prima film maken. Helaas was dat onvoldoende in beeld gebracht. Visueel is alles prachtig uitgewerkt om een sfeer neer te zetten, maar met alleen een sfeer heb je geen film. Maar het moet toch ook ergens over gaan? Er wordt zo weinig gesproken over de pijn van het verlies. In plaats daarvan gaan de meeste gesprekken over seks. Deze dialogen werden op een vreemde gebracht dat voor mijn gevoel niet in de context pasten en ik vroeg me op een gegeven moment of het ondertitelingsmannetje ons niet in de zeik nam. De Frans-Vietnamese regisseur spreekt trouwens geen woord Japans, wat waarschijnlijk het regisseren van de interacties tussen de personages lastig maakte. Dit kan de tekortkomingen op dit gebied en de overweldigende pracht van de gehele aankleding verklaren.

En dan heb je nog de aanzwellende muziek op ongepaste momenten. Wanneer ze halfnaakt en huilend door het bos rennen, is het doodstil en wanneer je het minst verwacht, is het KLATSBOEM, KLASSIEKE MUZIEK, WANT DEZE SCENE IS HEEL INTENS. Ik kreeg gedurende de hele film drie mini-hartverzakkingen vanwege dit soort taferelen.

Ik vond het geen slechte film, zeker niet. De visuele aspecten waren prachtig uitgewerkt en riepen op sommige momenten grote emoties op. Maar ik miste de beleving vanuit de ogen van de personages, waardoor het moeilijk was om mee te leven. Misschien moet ik het boek lezen. In die 320 pagina's wordt vast wel een gedachte uitgesproken.

Kiko Mizuhara, die Midori speelt, is trouwens echt een plaatje. Ze is niet voor niets model bij mijn modebijbel ViVi Magazine:



 
Pretty pretty pretty